[Update 24/1/2021: op 23/1/2021, heb ik mijzelf kandidaat gesteld voor de één na laatste plek op de landelijke lijst. Er was in totaal anderhalve minuut om dit te ondersteunen met argumentatie, en het opzetten van een lobby om bekendheid te genereren was niet echt mogelijk (omdat er vooral regionale en klassieke ‘diversiteits-‘lobbies zijn; daar past niet nog een lobby bij en van het ‘centrale gezag’ (partijbestuur, congrespresidium) hoef je uiteraard geen ondersteuning te verwachten voor ‘disruptieve’ acties zoals deze — hoewel ik moet zeggen dat dat ‘centrale gezag’ zich als ware ‘gentlepersons’ hebben opgesteld in hun communicatie met mij). Het resultaat was dat 20% van de congresgangers vóór hebben gestemd (±500) en 80% tegen (±1700). Het is dus niet gelukt om een echte bèta/IT-er op de lijst te krijgen, maar het resultaat viel me — gezien de omstandigheden — mee. De actie kan dus gezien worden als een signaal dat is afgegeven, een punt dat (voor de eerste keer) is gemaakt. Maar niet meer dan dat.]

Dag partijgenoten,

Binnenkort stelt ons congres de definitieve lijst op voor de verkiezingen. Ik heb een plan. Want die lijst, hoe mooi ook, met zorg samengesteld, met allemaal prima mensen er op, het sociaal-democratische hart op de juiste plaats, die lijst heeft toch een groot probleem.

Onze lijst is niet divers.

“Wat?” zul je zeggen, “Hoe kom je daar nu bij? Wij hebben de meest diverse lijst die je maar kunt bedenken.”

En dat klopt ook. Want er is zo goed mogelijk gelet op mannen en vrouwen, huidskleur, seksuele geaardheid. In een ideale wereld zou je net zo min worden gediscrimineerd op je sekse, geaardheid, of huidskleur, dan op — zeg — je haarkleur. De wereld is niet ideaal, en dus letten wij daar op.

Maar er is een net zo belangrijk aspect waarop wij helemaal niet divers zijn: achtergrond en ervaring. Onze lijst wordt volstrekt gedomineerd door mensen met een (hoogopgeleide) alfa/gamma-achtergrond. Daadwerkelijke bèta’s zijn er niet op te vinden. En één soort bèta’s al helemaal niet: mensen die verstand hebben van IT.

IT maakt veel (economisch) onrecht mogelijk. Zonder IT kunnen Uber en Amazon hun werknemers niet uitbuiten. Zonder IT kunnen oligarchen zich niet aan de rechtstaat onttrekken. Sociale media ondergraven de samenhang en de eerlijkheid van de samenleving. Democratieën in de wereld worden aangetast door leugens en propaganda, en IT speelt daar in een steeds grotere rol. Daar moeten we wat mee, of we voeren alleen nog maar een achtergrondgevecht.

We zitten midden in een informatierevolutie. Maar mensen die een achtergrond in IT hebben zien we in het parlement of de regering niet terug. Dat breekt ons op. Want hoe makkelijk gaat het worden om politieke voorstellen te doen die helemaal niet uitvoerbaar zijn, of gebaseerd op onrealistische ideeën over wat IT kan en niet kan (want echt: niet alles kan), of die — dankzij de werking van IT — negatieve gevolgen hebben?

Nogmaals, niets mis met de mensen op de concept-lijst, maar ze lijken qua achtergrond nogal op elkaar. Ter illustratie: Acht van hen hebben een achtergond in internationale betrekkingen, ontwikkeling, en dergelijke. Nul hebben een achtergrond in de IT. Dat moet en kan beter.

Kun je IT dan niet meenemen door naar experts te luisteren? Natuurlijk helpt dat. Maar je moet ook zelf de juiste ideeën hebben en je moet in staat zijn zin en onzin uit elkaar te houden. Voor IT geldt hetzelfde als voor elk ander gebied: zou jij een kamer willen hebben zonder iemand met enig eigen verstand van het recht? En die laten voorlichten door experts? Kortom, je moet minimaal wel wat verstand van zaken hebben wil je goed met experts kunnen werken. Daarom heb ik een voorstel.

Het plan

Zet mij op een lage plaats op de lijst. Het kan, ik sta op de alfabetische lijst. En laat mij een poging doen om met een campagne “Zet eens een echte IT-er in de Tweede Kamer” de boer op te gaan. Dat mes snijdt aan wel drie kanten:

  • Het verstoort de zorgvuldig opgestelde volgorde aan de bovenkant van de lijst niet
  • Als het lukt, boren we een potentieel kiezers aan die zich nu niet vertegenwoordigd voelen, maar waarvan velen de onrust over de ontwikkelingen delen
  • Als het lukt, krijgen we die noodzakelijke feeling voor wat IT wel en niet kan en wat de effecten zijn in onze fractie en kunnen we daarmee een leidende rol gaan spelen

Wat voor vlees heb je met mij in de kuip?

Om maar met het belangrijkste te beginnen: ik ben een echte sociaal-democraat. Op dat punt willen we natuurlijk géén diversiteit. Rechtvaardigheid is een kernwaarde. Ik wil dat we zo hard mogelijk in het offensief gaan in plaats van vaak vooral alleen een achterhoedegevecht te leveren om de scherpe kantjes er van af te halen. Ik kan me vinden in ons verkiezingsprogramma.

Ik ben al heel lang lid van de partij, maar ik heb mij maar heel zelden er mee kunnen bemoeien. Deels kwam dat door het feit dat de partij de neoliberale kant op ging in de jaren negentig. Ik was één van de oprichters van de Socialisten in de PvdA (SIP) die het blad De Stuitende Taferelen uitgaven. Maar het tij zat ons tegen. Sinds die tijd heb ik alleen me zo nu en dan via opiniestukken in Trouw tegen de landelijke discussie aan bemoeid, met name anti-neoliberaal. Lokaal heb ik als het kon de handen nog wel eens uit de mouwen gestoken tijdens een campagne. Ik was ooit lid van het PvdA-Forum Veiligheid & Justitie.

Ik ben analytisch en maak mij snel nieuwe dingen eigen. Ik ben opgeleid als fysicus-informaticus en later nog als bedrijfskundige. Ik ben al heel lang IT-er (o.a. mede-oprichter van de Nederlandse tak van The Internet Society in de jaren 90), en ik ben zeer breed onderlegd, dus thuis in veel meer dan alleen IT. Als voorbeeld: de enige formeel wetenschappelijke teksten (peer reviewed) die ik heb (mee)geschreven waren in juridische uitgaven (o.a. Grondrechten in het Digitale Tijdperk samen met Prof. Schmidt in RM Themis). Kortom, je kunt met mij een boom opzetten over erg veel onderwerpen, een beetje alfa, bèta, én gamma, dus.

Ik kan goed communiceren en overtuigen. Ik ben op diverse congressen (key)spreker geweest (vooral in het buitenland) en ik kan heel aardig schrijven. Ik heb twee (engelstalige) boeken op mijn naam staan, één technisch over het beschrijven van complexe organisatie-en-IT-landschappen en één voor niet-techneuten over de besturing van IT-keuzes. Veel IT-ers hebben boeken van IT-goeroes in de kast staan. Er zijn echter IT-goeroes die mijn besturingsboek in hún kast hebben staan. En als je een beeld van mij over het effect van de IT-revolutie op mensen, organisaties, en de samenleving wilt leren kennen, deze presentatie van November 2020 (in het Engels) is een aardige start.

Kortom, ik weet waar ik het over heb.

In het politieke handwerk voel ik me wel thuis. Het is even geleden, maar ik was vice-voorzitter van de Groningse Universiteitsraad toen die nog wat te vertellen had.

Ik heb het lang uitgesteld, maar mijn handen jeuken om om daadwerkelijk het ‘gevecht’ (voor de ‘hearts & minds’) aan te gaan.

Willen jullie mij er voor laten gaan?

Met vriendelijke groet,

Gerben Wierda

Published by gctwnl

I work in the trenches of real enterprise architecture and write on the basis of that.

Leave a comment

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s

%d bloggers like this: